Hilversum,
18
juni
2015
|
00:00
Europe/Amsterdam

Hoe meer nieuwsbronnen hoe beter, ook online

Thomas Jefferson schreef dat de basis van iedere regering de opinie van het volk is. Hij zegt daarom te kiezen voor een land met kranten zonder regering dan voor een land met een regering zonder kranten. Jefferson kon toen nog niet vermoeden langs hoeveel wegen de huidige bewoners van een land kennis kunnen nemen van nieuws. Televisie, radio, internet, sociale media, noem maar op, voor Jefferson en ons allemaal het walhalla van de democratie. Ook op de waakhondfunctie van de huidige media zou hij jaloers zijn. En wat zagen wij onlangs? Maar liefst 53 hoofdredacteuren en directeuren pleiten voor de beperking van de online informatievoorziening aan de inwoners van ons land, want zo kan hun brandbrief van 10 juni jl. worden opgevat.

Jefferson zou zich omdraaien in zijn graf indien hij het Nederlands zou beheersen; de pleitbezorgers van de vrijheid van meningsuiting en nieuwsgaring pleiten voor een beperking van dit recht als het om hun collegae van de publieke omroep gaat. En waarom doen ze dat? Omdat het businessmodel van de uitgevers bij wie ze in dienst zijn zou beperken. De activiteiten van de publieke omroep zou tot verschraling van het nieuwsaanbod leiden en daarom pleiten zij voor minder nieuwsaanbod. Iedere onderbouwing van deze mening ontbreekt. Wel blijkt uit recente Noorse- en Zweedse rapporten dat er geen verband is tussen de activiteiten van publieke omroepen en de situatie bij de dagbladen. En kijk eens naar Amerika waar geen publieke omroep is, maar de dagbladen het ook moeilijk hebben.

Nieuws bij een publieke omroep wordt door de samenleving als kerntaak gezien. Zo zeer zelfs dat er bij wet voor de nieuwsvoorziening een omroep in het leven is geroepen, de NOS. Publieke omroep en kranten versterken elkaar net zo als het Journaal en RTL Nieuws dat doen, ook online. Zij zouden elkaar juist niet willen missen, met het publiek en dus de democratie als winnaar.

Ook de samenleving verwacht dat wij op alle platformen nieuws brengen. Het publiek wil nieuws van de publieke omroep op ieder moment en ongeacht het apparaat en tijdstip van de dag. De Staatssecretaris van OCW draagt dit ook uit. Hij is misschien dan wel voor een publieke omroep zonder amusement met nieuws, maar niet voor een publieke omroep met amusement zonder nieuws. Hij voelt de tijdgeest en de behoefte van het publiek als het om nieuws gaat, goed aan.Niemand is echter meer afhankelijk van één bron zoals dat ooit het geval was toen de kranten het voor het zeggen hadden bij wat het volk voorgeschoteld kreeg. Voor het publiek is er geen scheidslijn meer tussen nieuwsbronnen, wel een behoefte aan zoveel mogelijk bronnen, zoals dagbladen en omroepen, via verschillende kanalen. Is het aan de hoofdredacteuren om te bepalen dat het publiek online wordt afgesneden van onze onafhankelijke publieke bron van nieuws?

Beste hoofdredacteuren, kom uit je oude groef en laten we elkaar in het belang van een goede nieuwsvoorziening vooral op inhoud scherp houden. Voer geen achterhoedegevechten en probeer collega media niet te beperken in de informatievoorziening aan ons beider publiek. Dagbladen en publieke omroep dragen ieder bij aan een goed geïnformeerde samenleving, zoals Jefferson het bedoelde.

Henk Hagoort

Raad van Bestuur
Nederlandse Publieke Omroep