20
augustus
2009
|
12:52
Europe/Amsterdam

Plasterk spoort omroepen aan beloningscode te hanteren

Publieke omroepen moeten nagaan of hun presentatoren hun diensten aanbieden binnen het Beloningskader Presentatoren in de Publieke Omroep (BPPO). Dat stelt Minister Plasterk (OCW) in zijn antwoord op kamervragen van SP Tweede Kamerlid Jasper van Dijk. Eerder liet Henk Hagoort, voorzitter van de Raad van Bestuur van de NPO, al weten het gebruik van management-bv’s als bypass van de code tegen te willen gaan. Minister Plasterk geeft nu aan er samen met de NPO op toe te zien dat omroepen verantwoording afleggen over het naleven van de beloningscode. “De bal ligt nu bij de omroepen,” aldus Plasterk. NPO wil een eerlijke verdeling De publieke omroep stelt integriteit en transparantie voorop bij het belonen van zijn presentatoren. In het BPPO is daarom vastgelegd dat presentatoren binnen de Balkenende-norm beloond moeten worden, met uitzondering van een handvol unieke presentatietalenten. De code treedt per 1 september in werking en geldt alleen voor nieuwe arbeidsovereenkomsten. Henk Hagoort, voorzitter van de Raad van bestuur van de NPO, gaf eerder al aan voorstander te zijn van een eerlijke verdeling van de omroepsalarissen: “Het kan niet dat een management-bv als bypass wordt gebruikt om onder de beperkingen van de code uit te komen. Daar maken we een einde aan,” aldus Hagoort.

Onder toezicht van de Raad van Bestuur
Plasterk sprak zich uit over het salarisbeleid bij de publieke omroep in antwoord op kamervragen die eind juli door SP Tweede Kamerlid Jasper Van Dijk zijn gesteld. Van Dijk baseerde zijn vragen op een eerdere publicatie in NRC Handelsblad over presentatoren die door middel van constructies, zoals een eigen bv, meer zouden verdienen dan wettelijk is toegestaan. Plasterk gaf aan hier in overleg met de NPO op toe te zien, maar benadrukte in zijn antwoord tevens de eigen verantwoordelijkheid van de omroepen om hun presentatoren volgens de code te belonen. “De omroepen dienen na te gaan op welke wijze een presentator zijn of haar diensten wil aanbieden en of dit past binnen het BPPO. Het is immers aan de omroepen om het BPPO na te leven,” aldus Plasterk. “Ik zal er, in overleg met de Raad van Bestuur van de NPO, op toezien dat daarover verantwoording wordt afgelegd.”

Nu zijn de omroepen aan zet
Nu zijn de omroepen zelf aan zet om deze code ook daadwerkelijk te hanteren. “De omroepen wordt nu de gelegenheid geboden om serieus werk te maken van het BPPO,” stelt Plasterk. “Mocht volgend jaar blijken dat die kans niet is gegrepen, dan kan dat reden zijn voor aanscherping van de wettelijke systematiek”. Inmiddels zijn verschillende stappen ondernomen om het belonen van presentatoren bij de publieke omroep in evenwicht te stellen. “De Raad van Bestuur van de NPO is bezig een overzicht te maken van de verschillende afspraken die door omroepen via bv’s zijn gemaakt en overeenkomsten die zijn gesloten,” schrijft Plasterk. “Ik ben benieuwd naar de bevindingen.”